logo

blog

Generatie van de toekomst!

20/10/2020 Stan Put

De jongeren zijn de zondebok in deze tweede coronagolf. Dat is wat ik veel hoor en zelf ook wilde geloven de afgelopen tijd. Zij hebben lak aan de regels, het interesseert ze geen zier en gaan van feest naar feest. Ze kunnen het voor hun medemens niet opbrengen om het een tijdje met iets minder te moeten doen. Het is al een generatie van niks, die niks gewend is en niets voor elkaar over lijkt te hebben. Zij hebben ervoor gezorgd dat het aantal besmettingen weer enorm is toegenomen en zie hier het resultaat.

Spiegel
Ik wil, in mijn eigen belang, wel eens geloven in het zoeken naar en vinden van een zondebok. Dat levert mij munitie op om mijn eigen frustraties op bot te vieren en mijn eigen onvermogen in deze crisis te verdoezelen. Ik denk dat het ook bijna lukte met het zondebokken van de jongeren. Totdat ik behoorlijk wakker werd geschud door mijn eigen zoons, een tweeling van 18 jaar oud. Zij zijn van deze ‘kansloze’ generatie. Het waren deze jonge mannen die mij de spiegel voorhielden. Nadat ik het optreden van een jonge influencer bij een talkshow veroordeeld had. Heel duidelijk gaven ze aan dat ze liever samenkomen met hun leeftijdsgenoten. Dit in plaats van een potje ‘Mens erger je niet’ met mij, hun moeder of opa en oma spelen. Dat ze liever op hun opleidingsschool zijn en daar medestudenten ontmoeten. Om te praten, te leren en te lachen met hun leeftijdsgenoten. Om te vallen, om op te staan en te leren van hun docenten. Natuurlijk zien zij de corona en willen ze zich aan de regels houden. Dat doen ze ook zoveel mogelijk. Maar dat vinden ze, net als wij, moeilijk, heel moeilijk. Daarom gaat het wel eens mis. Omdat die hersenen, dat lijf, andere signalen afgeeft. Niet omdat ze met niemand rekening willen houden.

Het zijn signalen die wij toch zeker ook herkennen? Omdat wij, toen we net zo oud waren, ze ook hebben gehad. Toen was er geen corona.

Kansloos?
Zelf ben ik 49 jaar. Eigenlijk ben ik net zo ‘kansloos’ opgegroeid als de huidige jongeren. Ik heb geen oorlog gekend, geen armoede of honger en mijn bedje was gespreid. Rond mijn 18e levensjaar kon ik doen wat ik wilde. Ik ging los in de kroeg, kon studeren, mensen ontmoeten en ik leerde met vallen en opstaan. Ik weet dat er nog een oudere generatie boven mij staat. Een generatie die zeer waarschijnlijk wel oorlog heeft meegemaakt, honger heeft gekend en dood en verdriet heeft aanschouwd. Zonder dat ze het op dat moment wilden. Ik wil in dit stuk zeker geen opruiing oproepen over wat goed is of wat slecht is.

Milder
Ik wil in dit stuk wel een pleidooi houden om iets milder te zijn voor onze jongeren, onze toekomst! Het helpt niet om ze te bagatelliseren, om ze in een hoek te zetten die ze niet verdienen. Hoeveel jongeren moeten er op dit moment thuis studeren? En hoe lang al? Is het naar school gaan, op het MBO, het HBO of de universiteit nou niet net juist de tijd van je leven? Daar moet vorming grotendeels plaatsvinden. Daar ontmoet je je voorbeeldrollen (docenten), ga je met elkaar in gesprek, in discussie, word je hevig verliefd en leer en leef je! Het fysieke onderwijs is van groot belang om onze jongeren op te vangen, om te fungeren als vangnet bij evt. problemen en om richting te geven aan deze generatie van de toekomst.

Samenwerken
Het onderwijs voor deze jongeren ligt zo goed als stil. Neem daarbij alles wat deze generatie verder nodig heeft (sociale contacten in het café, ontmoeten medestudenten/docenten, teamsporten, fysiek contact, enz.) wat niet of nauwelijks kan. Ik maak mij dan ook zorgen over de vorming van deze generatie. Welke schade lopen zij op? Welke specifieke levenservaringen lopen ze door deze crisis mis? Nu al wordt er geschreven over mentale problemen bij deze generatie door de coronamaatregelen. Ik wil het niet op mijn geweten hebben dat we deze jongeren niet voldoende zien en horen. Ze krijgen al een aardige erfenis van ons: krappe en onbetaalbare woningmarkt, klimaatproblemen, lege pensioenpotten, enz. Ik kan het tegenover mijn zoons niet maken. Ik kies voor het zien van, het gesprek, eventuele hulp en samenwerken met onze jongeren tijdens en na deze crisis.